Beweging bij Parkinson

Bewegen is belangrijk voor iedereen. Volgens de Beweegrichtlijn, uitgebracht door het Ministerie van Volksgezondheid, levert minimaal 150 minuten matig intensief bewegen per week veel gezondheidswinst op. Deze Beweegrichtlijn voor volwassenen en ouderen is een minimumrichtlijn om mensen die weinig bewegen te motiveren om in beweging te komen. Mensen die aan deze richtlijn voldoen, kunnen door meer te gaan bewegen verdere gezondheidswinst behalen.

De Beweegrichtlijn luidt als volgt:

  • Bewegen is goed, meer bewegen is beter.
  • Doe minstens 150 minuten per week aan matig intensieve inspanning, zoals wandelen en fietsen, verspreid over diverse dagen. Langer, vaker en/of intensiever bewegen geeft extra gezondheidsvoordeel.
  • Doe minstens twee maal per week spier- en botversterkende activiteiten, voor ouderen gecombineerd met balansoefeningen (voorbeelden van spier- en botversterkende activiteiten zijn traplopen, hardlopen en zwemmen).
  • Voorkom veel stilzitten.

Bewegen is voor iedereen gezond, maar voor mensen met de ziekte van Parkinson is het van essentieel belang. Regelmatig bewegen heeft een positieve invloed op jouw evenwicht, jouw manier van lopen, jouw kracht en jouw uithoudingsvermogen. Bovendien is bewegen goed voor de geestelijke gezondheid. Onderzoek suggereert dat beweging ook een effect heeft op niet-motorische symptomen, zoals geheugen, aandacht en stemming.

Belemmering in beweging

In de vroege stadia van de ziekte van Parkinson bewegen mensen over het algemeen redelijk makkelijk: ze zijn nog even sterk als vroeger en kunnen prima blijven sporten zoals daarvoor. Echter, naarmate de ziekte vordert kan het sporten en bewegen bemoeilijkt worden door bijvoorbeeld verminderde spierkracht en flexibiliteit, of een verminderd gevoel van evenwicht. Ook kan het uithoudingsvermogen en de algemene conditie wat afnemen, waardoor het lastiger is om langer sporten vol te houden.

Maar laat je dit niet tegenhouden! Want bewegen kan je heel veel voordelen opleveren, zowel lichamelijk als geestelijk.

Waar moet je beginnen?

Het is goed eerst met jouw arts of fysiotherapeut te overleggen. Waar liggen jouw beperkingen, waar moet je extra op letten, maar vooral: wat voor soort sport of beweging vind je fijn en wil je blijven doen? Wil je bewegen in groepsverband, of zou je liever een op een begeleiding van een professional willen? Zijn er dingen die je ook vanuit huis of in jouw omgeving zou kunnen doen? Of samen met jouw partner of vrienden?

En om klein te beginnen, zou je ook eens een stappenteller kunnen gebruiken. Vaak is het mogelijk om al in de thuissituatie veel beweging te krijgen, door bijvoorbeeld vaker de trap te nemen of te gaan lopen in plaats van met de auto te gaan. Een stappenteller (of een bewegingsapp op jouw smartphone) kan je hierbij stimuleren.

Er zijn op verschillende plekken in Nederland speciale sportgroepen actief voor mensen met de ziekte van Parkinson. Jouw huisarts of neuroloog kan je helpen met adressen van dit soort groepen in jouw buurt. De Parkinsonvereniging heeft ook een actuele lijst van sportscholen met programma’s voor mensen met Parkinson. Bekijk de lijst hier

Verantwoord sporten

Het is belangrijk dat je op een veilige manier beweegt. Dit betekent dat als je bijvoorbeeld last hebt van evenwichtsproblemen, je een sport moet zoeken waarbij het risico op vallen klein is.

Schaatsen of snelle actiesporten zijn dan niet de beste keuzes. Ook als je last hebt van plotselinge on- en off-episodes moet je hiermee rekening houden. Je zou wel samen met iemand anders kunnen gaan die extra op jou let. Het is aan te raden om de professionals die aanwezig zijn bij het sporten, zoals de badmeester of de fitnessinstructeur, te laten weten dat je de ziekte van Parkinson hebt. Zij kunnen dan een beetje extra op jou letten en je zo nodig helpen.

Heb jij de controle over jouw ziekte?

Praat er over met jouw huisarts of gespecialiseerd neuroloog. Of doe de Parkinson zelftest om meer inzicht te krijgen in jouw persoonlijke situatie.

Ook interessant: