De gecompliceerde fase van parkinson
In de loop van de tijd kunnen de klachten bij parkinson toenemen. Medicatie helpt misschien niet meer zoals in het begin en dagelijkse handelingen kosten meer moeite. Dit stadium noemen we de gecompliceerde fase, of ook wel de gevorderde fase van parkinson.
Je kunt in deze fase nog veel doen, maar je merkt dat je vaker moet bijsturen. Je hebt misschien meer hulp nodig, of moet keuzes maken in wat je wel en niet op een dag doet.
Wat verandert er in deze fase?
De motorische klachten nemen toe. Lopen, opstaan of draaien in bed kunnen minder soepel gaan. Soms wordt het lastiger om je evenwicht te bewaren, waardoor de kans op vallen groter wordt. Ook trillen (tremor) kan toenemen, wat het uitvoeren van dagelijkse taken bemoeilijkt.
Daarnaast spelen niet-motorische klachten een grotere rol. Denk aan:
- Minder energie
- Slaapproblemen
- Moeite met nadenken of praten
- Problemen met de darmen of blaas
Je hoeft hierdoor niet alles op te geven, maar het vraagt wel om aanpassingen en soms wat extra ondersteuning.
Medicatie werkt minder voorspelbaar
In deze fase kun je merken dat je medicatie anders gaat werken.
- Je hebt vaker medicijnen nodig
- Je gebruikt misschien verschillende soorten tegelijk
- Het effect van de pillen is minder voorspelbaar
Dit kan lastig zijn. Je hebt bijvoorbeeld minder controle over je bewegingen, of merkt dat je je niet goed voelt op momenten waarop je eigenlijk actief wilt zijn. Dat kan invloed hebben op je dagindeling, je stemming of je zelfvertrouwen.
Een goed moment om je behandelkeuzes te verkennen is nu
Als je merkt dat je medicatie niet meer goed genoeg werkt, of je klachten steeds meer invloed hebben op je leven, bespreek dit dan met je arts of parkinsonverpleegkundige. Met de gesprekshulp zet je eenvoudig op een rij wat je merkt, wat je belangrijk vindt en waar je vragen over hebt. Zo ga je goed voorbereid het gesprek in.