Maag- en darmklachten bij parkinson
Bij parkinson kunnen er veranderingen optreden in de manier waarop je maag en darmen werken. Veel mensen merken dat hun spijsvertering trager wordt. Dat kan vervelend zijn, maar gelukkig zijn er manieren om klachten te herkennen en te verminderen.
Bij parkinson kunnen er veranderingen optreden in de manier waarop je maag en darmen werken. Veel mensen merken dat hun spijsvertering trager wordt. Dat kan vervelend zijn, maar gelukkig zijn er manieren om klachten te herkennen en te verminderen.
Hoe ontstaan maag- en darmklachten bij parkinson?
In een gezonde situatie leegt de maag zich regelmatig na het eten of drinken. Bij parkinson kan dit proces trager of onregelmatiger verlopen. Door een tekort aan dopamine bewegen de spieren van de maag en darmen minder soepel.
Hierdoor kan voedsel langer in de maag blijven dan normaal. Je kunt dan een vol of opgeblazen gevoel krijgen, sneller last hebben van oprispingen, of eerder het gevoel hebben dat je vol zit terwijl je nog niet veel gegeten hebt.
Ook de darmen kunnen trager werken. Dit kan leiden tot verstopping (obstipatie). Sommige mensen ervaren daarnaast loze aandrang: het gevoel dat je naar het toilet moet, terwijl er uiteindelijk niets komt.
Waarom is aandacht voor eten en spijsvertering zo belangrijk?
Goed en regelmatig eten is belangrijk om je lichaam sterk te houden, zeker bij parkinson. Door maag- en darmklachten kun je soms minder eten dan je lichaam nodig heeft. Hierdoor loop je het risico op ondergewicht of tekorten aan voedingsstoffen.
Merk je dat je regelmatig last hebt van een vol gevoel, oprispingen of verstopping? Bespreek dit dan met je arts of diëtist. Er zijn oplossingen die kunnen helpen, zoals voedingsadviezen, bewegingstips of in sommige gevallen medicatie.
Een goed moment om naar je spijsvertering te kijken is nu
Maag- en darmklachten kunnen veel invloed hebben op je dagelijks leven, maar je hoeft er niet mee te blijven rondlopen. Door kleine aanpassingen in voeding, beweging of medicatie kun je vaak al verschil merken. Bespreek je klachten met je arts of diëtist. De gesprekshulp helpt je om alles overzichtelijk op een rij te zetten en goed voorbereid het gesprek in te gaan. Zo kunnen jullie samen verkennen welke behandelmogelijkheden passen bij jouw situatie.